D'n Elfde van d'n elfde: het einde van de Eerste Wereldoorlog.
Over symboliek, treinwagons, Brabant en quick fixes voor complexe conflicten.
Vanochtend om 11 uur werd onder de rivieren het carnavalsseizoen geopend. Vanochtend om 11 uur, 107 jaar geleden, eindigde de Eerste Wereldoorlog. Dit moment, één van de belangrijkste in de moderne Europese geschiedenis, wordt in het zuiden van Nederland overschaduwd door bier en muziek en wordt in de rest van het land nauwelijks herdacht. Toch vormde het vrij spontane einde van deze oorlog het einde van wat tot dan toe het bloederigste conflict uit de menselijke geschiedenis was. De wapenstilstand betekende het stoppen van de gevechten, maar bracht nog geen definitieve vrede. Na de wapenstilstand volgde een ongemakkelijke en opgelegde vrede, die de kiemen legde voor een nog bloediger conflict: de opkomst van het nazisme en de Tweede Wereldoorlog. Fijne opening van het carnavalsseizoen.
Toch heb ik begrip voor de jonge mensen die vandaag, 107 jaar later, in het zuiden van het land staan te hossen. Het is immers 107 jaar geleden. We staan toch ook niet meer elk jaar op 18 juni stil bij de Slag bij Waterloo (1815), of bij de Slag bij Hastings (1066)? Ga ver genoeg terug in de geschiedenis en we zouden elke dag wel iets kunnen herdenken. Hoewel het herdenken op zichzelf bezien ook een interessant onderwerp, verdient het einde van de Eerste Wereldoorlog meer aandacht. Daarom ga ik eerst in op de feitelijke gebeurtenissen naar aanloop van de wapenstilstand en daarna op het concept van duurzame vrede, waarbij de koppeling met de actualiteit in Oekraïne en Gaza vrij natuurlijk maar vanwege de leesbaarheid kort aan bod komt. De manier waarop oorlogen eindigen en het concept van vrede zijn niet heel bekend: Wat is eigenlijk het verschil tussen een wapenstilstand en een duurzame vrede, en hoe voorkom je dat het einde van een oorlog de basis legt voor een nieuw conflict?
Bloedvergieten tot de laatste minuut
Op 11 november 1918, om 11:00 uur, werd de wapenstilstand tussen de geallieerden en Duitsland ondertekend in een treinwagon in het bos van Compiègne, in het noorden van Frankrijk. Deze wapenstilstand beëindigde de gevechten aan het Westfront en werd het formele einde van de Eerste Wereldoorlog. Het was het resultaat van maanden van diplomatieke onderhandelingen en een militaire situatie waarin Duitsland zich niet langer in staat achtte om de oorlog voort te zetten. De Duitse legerleiding was al in september 1918 van mening dat de oorlog militair niet meer te winnen was, en in oktober volgde een verzoek tot onderhandelingen.
In de weken voorafgaand aan de wapenstilstand had Duitsland steeds meer terrein verloren. Het Duitse leger had ernstige verliezen geleden in de Duitse lenteoffensieven van 1918, en de geallieerden waren erin geslaagd de Duitse verdedigingslinies door te breken. Het Duitse leger was uitgeput, maar de regering en keizerlijke machthebbers weigerden de nederlaag te accepteren. Deze strategische crisis ging gepaard met een diepe economische en sociale crisis, met voedseltekorten, inflatie en onvrede onder de bevolking. In oktober 1918 brak in Kiel een opstand uit onder de marine, die zich snel verspreidde naar andere steden. Matrozen en arbeiders kwamen in opstand tegen hun omstandigheden en de militaire leiding, wat de fundamenten van het Keizerrijk deed wankelen. De opstand leidde tot de oprichting van arbeiders- en soldatenraden die steeds meer politieke macht eisten. Dit veroorzaakte enorme onrust, terwijl de regering onder druk stond van revolutionaire krachten. De Novemberrevolutie begon, de keizer trad af op 9 november 1918 en in Berlijn kwamen de socialisten van de Spartacusbeweging op voor een volksrevolutie. De combinatie van interne sociale onrust, de oplopende druk van de geallieerde blokkade, die het land in een hongersnood stortte en militaire nederlagen zorgden ervoor dat Duitsland geen mogelijkheid meer had om de oorlog voort te zetten.
Dat de wapenstilstand in ging op 11/11/1918 om 11:00 lijkt iets te toevallig, en dat is het ook. Hier komt de grote waarde van symboliek om de hoek kijken samen met een bepaalde minachting voor mensenlevens. Een week eerder namelijk, op 4 november om 11 uur, kwamen de opperbevelhebbers van de geallieerde legers bij elkaar om definitief de voorwaarden voor een wapenstilstand te bespreken die ze aan de Duitsers gingen opleggen. Men was er heel bewust van dat als de voorwaarden werden ondertekend, de oorlog op 11/11 zou eindigen.

De Duitse legerleiding schoof de politicus Matthias Erzberger naar voren om de onderhandelingen te doen. Vanwege de zeer slechte strategische positie van Duitsland en het feit dat het land op de rand van een revolutie stond was er niet echt sprake van een gelijkwaardige onderhandeling. Toen Erzberger bij de Franse maarschalk Foch vroeg naar voorstellen kreeg hij nul op rekest:
“Voorstellen? Ik heb geen enkel voorstel.”
Na overhandiging van de voorwaarden kreeg Erzberger een ultimatum van 72 uur om te tekenen (het ultimatum dat dus afliep om 11:00 op 11/11). Erzberger heeft nog voorgesteld om al eerder, op 8 november een wapenstilstand in te laten gaan, maar dit werd geweigerd door de geallieerden. Naar schatting hadden deze drie dagen verschil 6750 doden en 15.000 gewonden gescheeld. Om vijf uur ‘s nachts, bewust van het feit dat zijn land weerloos was en verder doorvechten schadelijker dan de voorwaarden die geallieerden stelden, tekende Erzberger de voorwaarden. Dit betekende dat er nog bijna zes uur werd gevochten. Niet zuinig ook: in die paar uur sneuvelden nog 2738 soldaten. Dat terwijl er op een gemiddelde dag aan het westfront destijds ongeveer 2250 soldaten sneuvelden op een hele dag. Het feit dat er echt tot het allerlaatst werd gevochten wordt onderstreept door het tijdstip van de laatste dode: de Amerikaanse soldaat Henry Gunther sneuvelde een minuut voor elf. Bizar genoeg waren de soldaten die aan dit gevecht deelnamen zich bewust van de naderende wapenstilstand. Gunther bestormde in zijn eentje en tegen de orders van zijn commandant in een Duits machinegeweernest. De Duitsers, bewust dat er nog maar een minuut oorlog was, probeerden hem weg te wuiven, maar Gunther vuurde overmoedig enkele schoten en toen hij te dichtbij kwam werd hij door een kort salvo machinegeweervuur geraakt. Daarna klonk het signaal dat de wapenstilstand was ingegaan. Gevraagd naar zijn motieven voor deze zinloze dood antwoorden zijn kameraden:
“[Gunther…] brooded a great deal over his recent reduction in rank, and became obsessed with a determination to make good before his officers and fellow soldiers”
Het blijft voor mij verbijsterend dat er in de laatste uren van de oorlog, terwijl bij alle partijen bekend was dat het einde nabij was, nog zo heftig werd gevochten. Hoe cru ook, is dit verklaarbaar vanuit strategische overwegingen. De ondertekening ging om een staakt-het-vuren van 36 dagen. Als het staakt het vuren om wat voor reden dan ook niet zou lukken of de oorlog zou worden hervat zou dit vanaf de bevroren frontlinie gebeuren. Daarom wilden beide partijen tot de zekerheid van een definitief staakt-het-vuren een zo strategisch mogelijke positie innemen.
Op 9 november vluchtte de Duitse keizer nadat hij lucht kreeg van de dubbele revolutie in Berlijn waarin hij was afgezet. Hij was tot het laatste moment niet van plan te vluchten maar het gerucht ging dat muitende Duitse soldaten hem wilden arresteren. Daarop nam hij de benen naar Nederland, waar hij asiel kreeg van koningin Wilhelmina. Hij bleef tot zijn dood in 1941 in Doorn wonen, waar hij zich vooral bezighield met houthakken- en zagen.
Niet alleen was het tijdstip van de wapenstilstand met het getal 11 symbolisch, ook de locatie was dat. De onderhandelingen vonden plaats in Compiègne, vlakbij het station van Rethondes, in een treinstel. Het treinstel in kwestie was het treinstel van de voormalige Franse keizer Napoleon III, die door de Duitsers was afgezet na een vernederende overwinning van Duitsland op Frankrijk in de Frans-Duitse Oorlog van 1870. Door de Duitsers plaats te laten nemen in het treinstel wilden de Fransen symbolisch wraak nemen. Op hun beurt werden de Duitsers door eenzijdige voorwaarden weer vernederd.
Wie het laatst lacht, lacht het best moet Adolf Hitler hebben gedacht in juni 1940. Na de Franse nederlaag in het begin van de Tweede Wereldoorlog liet Hitler in het treinstel de overgave van de Fransen tekenen, op precies dezelfde plek in Compiègne. Deze saga eindigde toen de SS het treinstel in aanloop naar de Duitse nederlaag in de Tweede Wereldoorlog liet verbranden. Mijn aanname is om te voorkomen dat de Duitsers werden gedwongen voor de tweede keer vernederd te worden in de bewuste wagon. Stel je nu eens voor dat je land wordt gedwongen zich na jarenlange strijd formeel over te geven in een knalgele NS-dubbeldekker, die ook nog vertraagd is. Hoe dan ook, laat de symboliek van de trein zien hoe wrok de zaden voor een volgend conflict kan vormen als er van duurzame vrede geen sprake is.
Een zure vrede
De wapenstilstand was namelijk slechts het begin van een lange diplomatieke strijd die leidde tot de definitieve vredesregeling, het Vredesverdrag van Versailles, dat in 1919 werd ondertekend. Terwijl de wapens waren gestopt, was het politieke, economische en sociale herstel van Europa een veel complexer vraagstuk. De Eerste Wereldoorlog had Europa verwoest, met ongeveer 10 miljoen doden op het slagveld en vele miljoenen gewonden. Naast de enorme menselijke verliezen was de fysieke verwoesting van steden, industrieën en landbouw enorm, met de zwaarst getroffen gebieden in Frankrijk en België. De oorlog bracht een humanitaire crisis teweeg, waarvan de gevolgen generaties lang doorwerkten in de Europese samenleving.
Deze verwoestingen vormden de achtergrond van de vredesonderhandelingen. De symboliek van de vrede werd sterk gekleurd door het verlangen van de geallieerden om Duitsland te verzwakken en aan te wijzen als de enige schuldige aan de oorlog (de werkelijkheid is complexer). De ondertekening van de wapenstilstand op 11 november betekende niet dat de oorlog volledig voorbij was: de gevolgen van de oorlog zouden nog jarenlang doorwerken, zowel in de landen van de overwinnaars als in Duitsland, dat na het verdrag zwaar werd gestraft en onder de voorwaarden van het verdrag van Versailles zou blijven lijden. Het treinstel was slechts symbolisch voor de vernederende voorwaarden die Duitsland aan het einde van het conflict kreeg opgelegd.
Het Vredesverdrag van Versailles zelf legde de basis voor veel van de politieke spanningen die uiteindelijk zouden leiden tot de Tweede Wereldoorlog. De ontevredenheid in Duitsland over de opgelegde schuld en herstelbetalingen, en de daarmee gepaard gaande economische ellende en nationale vernedering, zouden politieke onrust creëren die de opkomst van het nazisme en de Tweede Wereldoorlog zou vergemakkelijken.
Na de wapenstilstand ontstond in Duitsland de beruchte dolkstootlegende, waarin werd beweerd dat het Duitse leger nooit echt verslagen was, maar dat de socialistische regering van Duitsland zich had overgegeven, wat als een verraad aan het dappere leger werd ervaren (later werden de Joden en de intellectuele elite hier ook aan toegevoegd). Deze mythe voedde de wrok die in veel kringen in Duitsland bleef hangen. De legende werd versterkt door de vernederende symboliek rondom de vrede: de voorwaarden werden gedicteerd in een trein met een grote emotionele lading.
In plaats van te focussen op verzoening en herstel, richtte de Vrede van Versailles zich op het straffen van Duitsland. Dit versterkte de psychologische kloof tussen de geallieerden en Duitsland, en het creëerde een fundament voor de toekomstige conflicten. De symbolen van vernedering, zoals de schuldbekentenis in het verdrag, zorgden ervoor dat de vrede niet alleen op politieke maar ook op psychologische onvrede stuitte.
De voorwaarden voor Duitsland
De voorwaarden die aan Duitsland werden opgelegd, waren bijzonder zwaar. Duitsland werd gedwongen om de schuld voor de oorlog volledig te accepteren, wat werd vastgelegd in artikel 231 van het verdrag. De herstelbetalingen die het land moest doen, waren astronomisch (132 miljard goudmarken) en de militaire beperkingen beperkten Duitsland tot slechts 100.000 soldaten en verboden het land zijn luchtmacht en onderzeeërs te behouden. De territoriale verliezen waren enorm: Duitsland verloor Elzas-Lotharingen aan Frankrijk, gebieden aan België en Polen, en zijn koloniale bezittingen.
Deze symbolische vernedering had diepgaande gevolgen. Duitsland werd niet als een gelijkwaardige partner behandeld, maar als de schuldige partij die haar macht moest verliezen (alhoewel in tegenstelling tot de Tweede Wereldoorlog de oorzaak van de Eerste niet volledig en alleen bij Duitsland lag). Het symbolisch straffen van Duitsland zonder de ruimte voor verzoening leidde tot langdurige politieke onvrede en een verhoogd gevoel van wrok onder de Duitse bevolking, die de vrede als onrechtvaardig ervoer. Dit creëerde een bodem voor de opkomst van radicale politieke bewegingen, zoals de nazi’s.
De Koppeling naar Concepten van Vrede: Symboliek en Realisme
Een wapenstilstand is een tijdelijke onderbreking van vijandelijkheden, bedoeld om ruimte te geven voor onderhandelingen, maar biedt geen oplossing voor de onderliggende oorzaken van het conflict. Het is vaak een militaire maatregel zonder structurele veranderingen. Vrede, daarentegen, is een duurzaam, rechtvaardig en politiek stabiel systeem waarin conflicten vreedzaam worden opgelost en de oorzaken van het conflict, zoals onrecht of ongelijkheid, worden aangepakt. Johan Galtung’s positieve vrede benadrukt dat vrede niet alleen de afwezigheid van geweld is, maar ook de aanwezigheid van rechtvaardigheid. In tegenstelling tot een wapenstilstand vereist duurzame vrede politieke en sociale veranderingen die toekomstige conflicten voorkomen. Het realisme in de internationale betrekkingen helpt verklaren waarom de geallieerden Duitsland zo zwaar bestraften: ze wilden machten in balans houden en Duitsland verzwakken om te voorkomen dat het opnieuw een bedreiging zou vormen. Echter, de symboliek van vernedering en de afwezigheid van herstel creëerden een psychologisch klimaat dat de vrede zwak maakte. Dit is waar de positieve vrede van Johan Galtung van toepassing is: echte vrede kan alleen worden bereikt als herstel en rechtvaardigheid centraal staan, niet alleen het beëindigen van geweld. De afwezigheid van deze elementen leidde niet alleen tot de opkomst van extremisme in Duitsland, maar ook tot de instabiliteit die de basis vormde voor de Tweede Wereldoorlog.
Vandaag zijn vergelijkbare patronen in conflicten zoals Oekraïne en Gaza te herkennen, waar tijdelijke wapenstilstanden de werkelijke onderliggende kwesties niet oplossen. De andere kant van de medaille is dat op korte termijn in ieder geval (minder) doden vallen. In Gaza leiden voortdurende vernedering en aanslagen tot een vicieuze cirkel van geweld, waarin geen werkelijke ruimte is voor sociale verzoening en politieke integratie. De wrok die beide partijen jegens elkaar koesteren is al vele decennia diepgeworteld en het lijkt dan ook ijdele hoop dat een opgelegde wapenstilstand ooit zal leidden tot een duurzame vrede. Rondom Oekraïne is de symboliek van de territoriale conflicten en de politieke macht zo sterk dat een eenvoudige wapenstilstand zonder structureel herstel de basis legt voor toekomstige confrontaties. Temeer omdat geen van de partijen militair of economisch echt verslagen is en er terecht wantrouwen is dat een wapenstilstand alleen wordt gebruikt om wonden te likken en dan opnieuw aan te vallen. De onderliggende motieven blijven, uit Poetins handelingen kan niet worden opgemaakt dat hij vrede wil. Daarom moet aangenomen worden dat hij meer gebied van Oekraïne wil veroveren en zolang dat niet wordt opgelost (in de vorm van afschrikking) kan van duurzame vrede geen sprake zijn. Voor Oekraïne is de vraag of het ooit eventueel afgestaan gebied daadwerkelijk zal accepteren. Duurzame vrede is dan ook makkelijker gezegd dan gedaan, vooral zolang een van beide partijen of beide partijen nog het idee hebben dat er nog iets te winnen valt.
Conclusie
Het verschil tussen een wapenstilstand en een duurzame vrede ligt in de manier waarop de onderliggende verhoudingen worden behandeld. De vernedering die Duitsland in 1918 en 1919 in het treinstel van Napoleon III werd opgelegd, versterkten de sociale en politieke instabiliteit die mede leidde tot de opkomst van het nazisme. Duurzame vrede vereist meer dan het beëindigen van geweld; het vereist een herstel van rechtvaardigheid, sociale verzoening en het wegnemen van vernederende symbolen die het conflict blijven voeden. Dat maakt de vredesprocessen die nu bezig zijn allen zo ontzettend moeilijk maar ook zo belangrijk. De korte termijn winst die je nu pakt (of wie weet: een Nobelprijs voor de vrede) kan over enkele jaren voor een nieuw conflict zorgen. Het is dan ook belangrijk om de keerzijde van quick fixes voor complexe conflicten te kennen. Taaie kost om morgen met een lichte kater in Brabant te lezen, succes ermee!
Aanbevolen:
All quiet on the western front, zowel de film als het originele boek van Erich Maria Remarque.
De Netflix documentaire The long road to war; taaie zit maar wel heel volledig. Lekker voor in het vliegtuig.
In Storms of Steel van Ernst Junger; verassend vlot geschreven roman.
In de voormalige garage van Huis Doorn (waar de Duitse keizer dus woonde) is een permanente expositie ingericht over de invloed van de Eerste Wereldoorlog op Nederland. Er zijn vijf thema’s: vluchtelingen, mobilisatie, economie schaarste, publieke opinie en democratie.
Why Germany lost the first world war op Youtube.








